Ocean Cleanup begint: een bezem in soep van plastic

Het heeft flink wat voorbereiding gekost, maar na jaren is het bijna zover: The Ocean Cleanup gaat beginnen. Dat betekent dat een deze dagen de Nederlandse ‘bezem’ begint te vegen in de ‘plastic soep’. Daarmee bedoelt men een groot gebied in de Grote Oceaan waar veel plastic aan de oppervlakte dobbert.

De bezem heet oorspronkelijk System 001, en is opgebouw als een 600 meter lange veegarm. Een maand geleden vertrok hij uit de haven van San Francisco, waar hij voor de kust eerst uitgebreid getest werd. „We hebben onder meer gekeken of hij goed in zijn vorm, van een C, kwam en of hij die vorm vasthield. Ook wilden we weten of hij meebewoog met de wind en de golven. We hebben hem uit positie gedraaid en gekeken hoe hij zich heroriënteerde. We hebben boeien in het water geplaatst om te testen waar het opgeveegde plastic zich ophoopt”, zegt Lonneke Holierhoek van The Ocean Cleanup. De conclusie: „Het kon bijna niet beter; het ging perfect.”

80 MILJOEN KILO AFVAL

Dat betekent dat de ‘bezem’ klaar is voor het echte werk en dat de Great Pacific Garbage Patch, zoals de drijvende vuilnisbelt tussen Californië en Hawaï wordt genoemd, zijn nieuwe werkplek wordt. Daar dobberen naar schatting zo’n 1800 miljard stukken afval (!!), die bij elkaar ongeveer 80 miljoen kilo wegen.

Foto: ANP 

Vermoedelijk maandagochtend (Nederlandse tijd) komt de veegarm aan bij de zeevuilnistbelt. De eerstvolgende maanden zal er constant toezicht zijn op de ‘bezem’. Wanneer er genoeg afval is opgeveegd, komt er een schip om dat puin op te scheppen en af te voeren. „Het is de bedoeling dat hij vanaf volgend voorjaar alleen is, maar ook dan gaan we regelmatig even kijken en hebben we onderwatercamera’s om alles in de gaten te houden”, aldus Holierhoek.

HELFT AFVAL IN VIJF JAAR

Het doel van de System 001 is om de helft van het afval in de Great Pacific Garbage Patch binnen vijf jaar opgeruimd te hebben. Het systeem is vormgegeven door Ocean Cleanup, dat in 2013 is opgericht door de 18-jarige Nederlandse Boyan Slat. Benieuwd hoe de veegarm werkt? Onderstaande video legt het uit.

‘ER MOET MEER GEBEUREN’

Sceptici verwachten dat de arm de afvalberg niet kan oplossen. Daarop reageert Holierhoek: ,,Wij beweren ook niet dat dit project de oplossing voor alles is. Er moeten veel meer dingen gebeuren, waaronder vooral preventie. Maar het plastic dat er al drijft, moet wel opgeruimd worden. Want na verloop van tijd brokkelt het af. En die kleinere stukjes zijn moeilijk op te ruimen en makkelijk op te eten door dieren.”

Gepubliceerd op Metro

In hoeverre heb je als verdachte recht op privacy?

In Nederland was het een lange tijd gebruikelijk dat verdachten met een balkje voor de ogen in de media werden getoond en met hun initialen werden genoemd. Die ongeschreven regel kreeg in 2004 een klap toen een foto van Mohammed B., de moordenaar van Theo van Gogh, openlijk werd getoond. Sindsdien gebeurt het steeds vaker dat een verdachte tot publiek persoon gemaakt wordt. Ook de foto, naam en toenaam van Brech, de verdachte van de moord op Nicky Verstappen, worden openlijk gedeeld. Dan rijst de vraag: in hoeverre heb je recht op privacy als je verdacht wordt van een misdrijf?

Het besluit om de 55-jarige Brech tijdens de persconferentie prominent te presenteren als verdachte is niet zomaar genomen, vertelt de Limburgse hoofdofficier van Justitie Jan Eland. Iets meer dan twee maanden hebben ze geprobeerd om hem vinden, maar tevergeefs. „Het is iemand die in het bos kan overleven. Hij heeft zijn sporen gewist. We kwamen geen stap verder meer in het onderzoek, we hebben nu dus echt de hulp van het publiek nodig.” Daarbij hoopt Eland dat men door het opsporingsbericht ook in het buitenland naar Brech gaat zoeken. Volgens de hoofdofficier heeft de politie ook voldoende aanleiding om op deze manier naar de verdachte op zoek te gaan, legt hij woensdagavond uit in Laat op 1. „We hebben sporen op de kleding van Nicky aangetroffen, en die sporen zijn zodanig dat we de conclusie trekken dat de sporen zijn van degene die de laatste uren van Nicky heeft meegemaakt. En het DNA dat uit die sporen is gehaald, matcht voor een volle 100% met de verdachte.’’ In dit soort gevallen vraagt justitie zich af of het belang van het delen van de foto’s en naam in verhouding staat tot de inbreuk van privacy en of het de beste of zelfs enige manier is om het doel te bereiken.

UITZONDERINGSPOSITIE

„De politie heeft een uitzonderingspositie’’, begint Charlotte Meindersma, een juriste met een specialisatie in onder andere privacy en portretrecht. „Zowel in de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) als in het portretrecht staat dat zij vanuit opsporingsbelang portretten mogen delen. En dat mag dan in principe ook alleen zolang iemand gezocht wordt. Die uitzonderingspositie hebben ze omdat het openbaar maken van een foto soms echt in het belang is van de opsporing.’’

Dat vindt echter niet iedereen een logische volgende stap.

VERDACHT OF SCHULDIG

Meindersma legt uit: „Er is wel een verschil in dat justitie de beelden van Brech deelt, en dat mensen zoals jij en ik met zijn foto aan de haal gaan. Jij en ik mogen die portretten niet zomaar verspreiden, wij hebben wel vrijheid van meningsuiting en persvrijheid, maar wij horen niet ongeblurred zomaar zijn foto te delen. Zeker omdat hij op deze manier al neergezet kan worden als schuldige, terwijl we dat in feite nog niet zeker weten. Hij is nu verdachte, en natuurlijk hebben we er allemaal onze visie op en verwachten velen van ons dezelfde uitkomst, maar hij is simpelweg nog niet berecht.’’

Het idee daarvan is vooral dat hij, mocht hij na verhoor door de politie onschuldig worden bevonden, gewoon werk of een huis moet kunnen vinden. „Er mag uiteraard over hem geschreven worden, want het is nieuws – en ook zeker belangrijk nieuws – maar wat is de toegevoegde waarde voor het losse nieuwsfeit hoe hij eruitziet? In feite heeft alleen de politie er echt belang bij om die informatie openbaar te maken, want die herkenbaarheid is essentieel voor de opsporing. Die herkenbaarheid is niet van belang om er een maatschappelijke discussie van te maken van ‘goh, wat is het toch een lul’.”

RECHT OP PRIVACY

Goed, het is dus eigenlijk niet de bedoeling dat Jan en alleman met de foto van Brech aan de haal gaan. Er is echter één ding wat de zaak wel een tikkeltje makkelijker maakt: als Brech namelijk zou willen dat zijn naam en foto van internet verdwijnen, moet hij dat zelf melden. „Gezien het lijkt alsof hij niet gevonden wil worden, zal hij dat niet zo snel doen. En feit blijft wel dat hij nu gezocht wordt, en internet daar simpelweg aan bijdraagt”, vervolgt Meindersma. „Er is ook niets mis met het delen van het opsporingsbericht: die is van de politie en mag door jou en mij gewoon gedeeld worden. Maar zolang hij juridisch gezien de dader nog niet is, heeft hij tot het moment dat hij definitief schuldig is bevonden, gewoon recht op zijn privacy. Mocht daarna blijken dat hij schuldig is, mogen alle foto’s herkenbaar in beeld en mag je alle uitspraken doen die je wilt, omdat hij dan daadwerkelijk een dader is en iedereen dat mag weten.”

Gepubliceerd op Metro

Te veel burn-outs in Nederland: grootste crisis ooit

Het leven in een prestatiemaatschappij begint zijn tol te eisen: de steeds toenemende gevallen van mensen met een burn-out in Nederland, kosten de samenleving maar liefst 20 miljard euro op jaarbasis. Bovendien leidt de aandoening bij veel mensen tot blijvend hersenletsel. Dat moet anders, stelt Erik Matser, klinisch neuropsycholoog uit Helmond. „Als wij zo doorgaan hebben we geen atoombom nodig om onszelf volledig uit te roeien. We hebben een andere levensstijl nodig om een ramp te voorkomen.”

Matser baseert zich op eerder door OESO (Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling) verstrekte cijfers. „In Nederland werkt ongeveer één op de vijf mensen niet, als gevolg van stress en een burn-out”, aldus Matser. „Deze mensen zijn door een gebrek aan energie letterlijk te moe om te werken. Daarnaast zijn er honderdduizenden mensen die wel werken, maar ook vaak last hebben van klachten als somberheid en angst. Veel mensen herstellen traag van diverse ziekten en de onderliggende oorzaak daarvan is stress en psychisch uit balans zijn. Deze mensen zijn vaak meerdere malen net zo lang uit de roulatie als bij het hebben van een burn-out past.” Het gaat daarbij doorgaans om relatief jonge mensen, meldt hij.

JONGEREN ZONDER LEVENSKRACHT

Volgens Matser is er sowieso een stijgende lijn in de problematiek met betrekking tot jongeren. „Ik krijg mensen van rond de twintig jaar in mijn praktijk die geen levenskracht meer hebben, geen energie, geen creativiteit en hun visie op de toekomst is inktzwart.” Volgens hem heeft dat te maken met de samenleving waarin te veel mensen overspoeld worden met informatie. Tachtig procent van zijn studenten geeft aan nog geen dag zonder mobiele telefoon en e-mail te kunnen. „De hersenen blijven continu onder hoogspanning en kunnen dat bij tal van jonge mensen niet verwerken.”

Foto: Unsplash

Het leven in een prestatiemaatschappij begint zijn tol te eisen: de steeds toenemende gevallen van mensen met een burn-out in Nederland, kosten de samenleving maar liefst 20 miljard euro op jaarbasis. Bovendien leidt de aandoening bij veel mensen tot blijvend hersenletsel. Dat moet anders, stelt Erik Matser, klinisch neuropsycholoog uit Helmond. „Als wij zo doorgaan hebben we geen atoombom nodig om onszelf volledig uit te roeien. We hebben een andere levensstijl nodig om een ramp te voorkomen.”

Matser baseert zich op eerder door OESO (Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling) verstrekte cijfers. „In Nederland werkt ongeveer één op de vijf mensen niet, als gevolg van stress en een burn-out”, aldus Matser. „Deze mensen zijn door een gebrek aan energie letterlijk te moe om te werken. Daarnaast zijn er honderdduizenden mensen die wel werken, maar ook vaak last hebben van klachten als somberheid en angst. Veel mensen herstellen traag van diverse ziekten en de onderliggende oorzaak daarvan is stress en psychisch uit balans zijn. Deze mensen zijn vaak meerdere malen net zo lang uit de roulatie als bij het hebben van een burn-out past.” Het gaat daarbij doorgaans om relatief jonge mensen, meldt hij.

JONGEREN ZONDER LEVENSKRACHT

Volgens Matser is er sowieso een stijgende lijn in de problematiek met betrekking tot jongeren. „Ik krijg mensen van rond de twintig jaar in mijn praktijk die geen levenskracht meer hebben, geen energie, geen creativiteit en hun visie op de toekomst is inktzwart.” Volgens hem heeft dat te maken met de samenleving waarin te veel mensen overspoeld worden met informatie. Tachtig procent van zijn studenten geeft aan nog geen dag zonder mobiele telefoon en e-mail te kunnen. „De hersenen blijven continu onder hoogspanning en kunnen dat bij tal van jonge mensen niet verwerken.”

Zo lokken oplichters je in de val op sociale media

Sociale media als Facebook en Instagram worden steeds vaker gebruikt om reclame te maken voor kleding, handige huishoudmiddelen, verzorgingsspullen en technische snufjes. Dat betekent ook dat het steeds vaker misgaat: mensen die opgelicht worden als ze iets willen kopen via social media.

Volgens de Autoriteit Consument en Markt (ACM) bedroeg de schade door dat soort oplichting vorig jaar maar liefst 5 miljoen euro. „Het gevaar is dat je op dat moment niet per se bezig bent om iets te kopen, en dan word je ineens toch geconfronteerd met een op jou gerichte aanbieding. De verleiding is dan groot en je bent minder bedacht op de risico’s”, stelt Evert Jan Hummelen, de directeur van ACM.

KASTJE NAAR DE MUUR

Je denkt nu natuurlijk: dat overkomt mij niet. Dat dacht Raimke van den Beemt-Groothuizen wellicht ook, maar toch werd zij slachtoffer. Van den Beemt-Groothuizen had een reis voor de deur staan en kwam uit bij een advertentie van een diefstal-proof rugzak. „Handig dacht ik, zo’n tas waar je niet met een mes in kan snijden, dus ik had hem besteld. En het duurde en het duurde. Ik dacht toen nog: joh, het is een startup, misschien duurt het gewoon even. Maar er kwam helemaal niks en dan beginnen je alarmbellen wel te rinkelen”, zegt ze.

Ze benaderde het bedrijf via hun Facebookpagina, maar ze kreeg alleen een excuus voor de vertraging van het pakket en een e-mailadres om de rest van haar vragen naar toe te sturen. „Later kwam ik er via Trustpilot – een site voor klantreviews – bij uit dat het gewoon een grote scam was.” Via Facebook Messenger zocht ze wederom contact met het bedrijf, waar ze van het kastje naar de muur gestuurd werd. De tassenverkoper bleef haar terugsturen naar het e-mailadres waar ze tot op heden nooit een reactie van gehad heeft.

Foto ter illustratie: ANP 

REVIEWS: BETROUWBAAR OF NIET?

Dit is een accuraat voorbeeld van hoe oplichters slim gebruik maken van advertentietrucjes om mensen naar hun website te leiden. Ze adverteren op sociale media, Google en op betrouwbaar uitziende websites. Om de risico’s van malafide webshops te verkleinen adviseert de waakhond ACM kopers dan ook om altijd goed te kijken met wie je zaken doet. „Kijk bijvoorbeeld of er een contactnummer te vinden is en lees reviews van andere klanten”, zegt Hummelen.

Maar die reviews zijn ook niet altijd even betrouwbaar, stelt Van den Beemt-Groothuizen. „Toen ik contact met ze ging zoeken, ben ik alle comments gaan lezen. Daar stonden heel veel positieve reacties tussen, ook van mensen die zeiden dat ze de rugzak recent thuis bezorgd hadden gekregen. Dat bracht me eventjes aan het twijfelen, maar toen besefte ik dat ze die er natuurlijk ook zelf op hebben kunnen zetten. Dat vind ik echter wel heel kwalijk, dat zoiets als reviews zo makkelijk te manipuleren is, want ik denk dat veel mensen zich daar toch ook een beetje op baseren. Dat is het eerste waar ik naar kijk, of een product goede reviews heeft. Maar blijkbaar zeggen een goede site en goede reviews toch ook niet alles.”

EN HET KEURMERK DAN?

Eerder dit jaar schreef Metro een artikel over hoe je jezelf het beste kunt beschermen tegen malafide webshops. Daarin vertelde Hjalte Niehorster, manager bij kassa- en webwinkelsoftware Lightspeed dat er drie fases zijn waar je als consument op moet letten: hoe je op de website komt, of je de site wel kent en of deze een keurmerk heeft – en zo niet, deze eens even opzoekt op Google – en je bestelling achteraf betalen. Met dat laatste heb je wat meer speling om na te gaan of de webshop jouw product wel gaat leveren, daarmee zit je vaak het veiligst. Voordeel is ook dat je geen bancaire gegevens hoeft af te geven, waardoor je nog minder risico loopt.

Maar ook een keurmerk is niet altijd een teken van een veilige webshop, ondervond Erna Konings. Ook zij werd slachtoffer van een nepwinkel. „Ik zag via Facebook een advertentie voorbij komen over een bepaalde zonnebandcreme. De advertentie bleef maar langskomen en trok na een tijdje toch mijn aandacht.” Ze werd via de advertentie doorgestuurd naar een site die er betrouwbaar uitzag en zelfs een keurmerk van een betrouwbare webwinkel liet zien. Ze bestelde de zonnebrand en hoorde een tijdje niks, waarna ze op zoek ging naar de contactinformatie van het bedrijf. Toen ze weer op de site kwam, stond er een melding dat de bestellingen vertraging hadden opgelopen.

„Dat vond ik in de zomermaanden ook niet zo raar. Ik had ook al recensies opgezocht en die waren bijna allemaal positief. Ik check dat altijd, juist omdat je zo vaak hoort dat bedrijven je oplichten. Al met al gingen er dus nog niet meteen alarmbellen af. Een tijdje later had ik nog steeds niks ontvangen en heb ik het bedrijf gemaild. Daar kreeg ik het antwoord op dat zij niet de juiste informatie van mij hadden om de bestelling te verzenden. Daarop heb ik nog geantwoord dat ik mijn geld terug wilde en anders stappen zou ondernemen, daar heb ik niks meer op gehoord en nu is de hele website onvindbaar.”

Foto ter illustratie: ANP

‘WEBSHOP OF NEPSHOP’

Daarom start ACM vandaag met een campagne ‘Webshop of nepshop’ waarin ze consumenten waarschuwt voor nepwinkels op sociale media. Met drie online filmpjes en radioreclames wil de ACM mensen bewust maken van dit soort risico’s. „Het is een groeiend fenomeen en we willen voorkomen dat in de toekomst nog meer mensen de dupe worden.”

Gepubliceerd op Metro

Vrouwen zijn steeds vaker economisch zelfstandig

De tijd dat de vrouw alleen achter het aanrecht stond, is al eventjes passé en met het einde van de economische crisis heeft de emancipatie van vrouwen een opmars gemaakt. Ze gaan steeds meer werken en zijn gemiddeld hoger opgeleid dan mannen. Ook worden vrouwen steeds vaker economisch zelfstandig, meldt het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) dinsdag. Een goede zaak, maar volgens het SCP zijn we er nog niet.

Volgens de Emancipatiemonitor zijn vrouwen gemiddeld 28 uur meer gaan werken dan in 2015. Het percentage hoogopgeleide vrouwen dat in 2017 haar eigen economische broek op wist te houden, was dan ook ruim zestig procent; een stijging van vier procent ten opzichte van 2015.

TE VEEL INGEBURGERD

In het Nederlandse emancipatiebeleid staat het vergroten van de economische zelfstandigheid van vrouwen al een tijd hoog op het wensenlijstje. Vrouwen zouden, net als mannen, met betaald werk genoeg moeten verdienen om van te kunnen leven. Ook als ze een goed verdienende partner hebben. Maar zo eenvoudig ligt dat niet, zegt socioloog en feministe Justine van de Beek. „Het is inderdaad zo dat vrouwen meer gaan werken en dat de cijfers stijgen, maar het is in verhouding nog steeds weinig. De traditionele rolverdelingen zijn nog te veel ingeburgerd.”

In veel gevallen hebben mannen nog altijd een hogere functie, waardoor ze meer geld verdienen. „Het is dan niet heel vreemd dat de vrouw in die situatie deeltijd werkt en meer thuis is; dat is de lucratieve oplossing, vooral als er kinderen in het spel zijn. Maar daardoor kom je vast te zitten in de traditionele rolverdeling die er eigenlijk achter zit.”

Tegenwoordig is de vrouw in veel gevallen hoger opgeleid dan haar partner. Foto: Unsplash

Tegenwoordig is de vrouw in veel gevallen hoger opgeleid dan haar partner. Foto: Unsplash

VROUW HOGER OPGELEID

Onderzoekster en schrijfster van de Emancipatiemonitor Wil Portegijs van het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) is het met Van de Beek eens. „Dat vrouwen vaak minder werken, wordt vaak verklaard door de financiële afweging”, zegt Portegijs. „Vrouwen hadden vroeger vaak minder diploma’s dan mannen, dus werkt de man meer. Maar dat zou dan nu niet meer moeten kloppen, want tegenwoordig is de vrouw in veel gevallen hoger opgeleid dan haar partner. Dan zou je inmiddels meer stellen moeten hebben waarbij de man deeltijd gaat werken en zijn vrouw voltijd, maar dat gebeurt dus niet. En dan zie je dus dat het niet alleen een financiële, sekseneutrale afweging is, maar dat opvattingen en verwachtingen ook een grote rol spelen.”

Een standaard die we eigenlijk al kennen vanuit het christendom, zegt politiek filosoof Gerard Drosterij. „Heel lang was de vrouw een soort eigendom van de man.” En dat is een standaard waar we nu niets meer mee kunnen, stelt Portegijs. „Een deel van de vrouwen verdient op dit moment zo weinig dat ze daar niet van kunnen leven. En dat wordt behoorlijk pijnlijk als een relatie stukloopt, dat komt vaker voor dan je denkt: namelijk bij meer dan twintig procent van de relaties. Bovendien is een voldoende eigen inkomen van niet te onderschatten betekenis voor de autonomie en weerbaarheid van vrouwen. Iets kunnen betalen voor jezelf of kinderen, zonder afhankelijk te zijn van een ander, betekent meer keuzevrijheid en onafhankelijkheid.”

Een hetero- of een LHBT-rol: acteur is acteur

De Oscar-genomineerden zijn bekend, met dit jaar een oogst van het hoogste aantal LHBT-verhalen ooit die in de films zijn vertegenwoordigd. Volgens de Amerikaanse homobelangenorganisatie GLAAD is het nog niet eerder voorgekomen dat zo veel films over lesbische, homoseksuele, biseksuele en transseksuele personages kans maken op prijzen bij de Oscars.

Maar liefst vijf van de acht titels die de grootste filmprijs kunnen winnen gaan deels of helemaal over LHBT-personages. Een van de nominaties is de filmbiografie Bohemian Rhapsody, waarin we een glimp van het leven van de homoseksuele Queen-zanger Freddie Mercury kunnen zien. Een andere genomineerde film is het muziekverhaal A Star Is Bornover Lady Gaga, waarin zij de hoofdrol speelt en je meeneemt naar drag-bars om haar droom om zangeres te worden waar te maken. Ook de dramatische komedie The Favourite, het politieke drama Viceen de film Green Bookzijn genomineerd, waarin Mahershala Ali een homoseksuele donkere pianist in de jaren zestig speelt.

ZELF EEN PLATFORM

Het is niet de eerste keer dat acteurs worden geëerd met Oscarnominaties voor hun vertolkingen van homoseksuele of transgender personages. In alle gevallen speelden de acteurs een LHBT-rol, terwijl zij allen zelf heteroseksueel zijn. Maar nog nooit heeft een openlijk homoseksuele of transgender acteur of actrice een Oscar in ontvangst mogen nemen. Sterker nog, openlijk homoseksuele acteurs worden vaak niet eens gevraagd om die rollen te spelen. Volgens de in 2010 voor een Oscar genomineerde (heteroseksuele) Colin Firth, houdt dat ongelijkheid in stand. Hij zegt tijdens een interview met The Telegraphover zijn rol in A Single Man het volgende: „Als je bekendstaat als heteroseksuele acteur en je speelt een homoseksuele rol, ontvang je daar enorm veel lof voor. Maar als een homoseksuele man een heteroseksuele rol wil spelen, zal hij nooit worden gecast. Dit is absoluut een probleem.” Een probleem dat niet gaat over wie wel of geen Oscar wint, wie wel of niet lesbienne, homo-, bi-, of transseksueel is, maar een probleem over verhalen die worden verteld zonder de personen zelf een platform te geven en te prijzen.

Foto: Shutterstock

DAAR BEN JE ACTEUR VOOR’

„Eigenlijk zou je geaardheid er helemaal niet toe moeten doen,” stelt acteur en regisseur Raymi Sambo. Hij is zelf homoseksueel en herkent het probleem. „Iedereen zou elke rol moeten kunnen spelen; dat is je baan, waar je voor gestudeerd hebt en waar je voor betaald wordt.”Maar zo simpel ligt het niet, want volgens Sambo is het ook in Nederland een ding dat rollen ongelijk worden verdeeld. Zo zal een homoseksuele man zelden een rol krijgen als heteroseksueel personage. „Maar andersom is het ook niet vanzelfsprekend,want men wil er wel even over nadenken of ze wel als hetero een LHBT-personage willen spelen. Of het nou door angst komt of door culturele redenen; een rol zou een rol moeten zijn en je zou als acteur elke rol moeten kunnen spelen. Er hoeft geen blikje homoseksuele acteurs open getrokken te worden als een homo-rol vertolkt moet worden, dat kan een heteroseksuele acteur ook. Daar ben je acteur voor.” Iemands geaardheid zou ook helemaal niet zo belangrijk moeten zijn in de casting, vindt hij. „In de film over Freddie Murcery wordt zijn verhaal verteld, het verhaal van een grote ster. Dat zou simpelweg vertolkt moeten worden door de beste acteur, ongeacht diens seksuele voorkeur.”

STEREOTYPERING

Een tekort in zowel de Nederlandse als de Amerikaanse tv- en filmindustrie, vindt Sambo. „Maar ik vind wel dat Amerika voorloopt in de manier waarop ze een homoseksuele rol laten zien. Tuurlijk zou je willen dat er homoseksuelen zijn die heterorollen spelen, want dan zou de ongelijkheid pas echt verdwenen zijn, maar ik ben wel heel blij dat zulk soort rollen nu eindelijk eerlijk gespeeld worden. Nederland kan er nog lering uit trekken, want in Amerikaanse films zijn de LHBT-personages echte karakters, wezenlijke mensen. Ik heb zelf Green Bookgezien en het was echt een verrassing dat het personage homoseksueel was. En hij was het en that’s all; het werd niet aangevoerd als een probleem. De film ging niet over dat hij gay was. Ik ken dat niet in Nederland, dan staat de geaardheid vaak centraal en is er vaak sprake van stereotypering. Niet alleen bij LHTB-rollen, ook bij bijvoorbeeld Arabische acteurs. We denken niet overstijgend van wat die persoon is en dat zouden we wel moeten doen. Men houdt hier alles vaak in een bepaald vakje. En daarin zijn deze Oscars wel heel sterk, want er wordt buiten die kaders getreden door meer personages te implementeren met LHBT-rollen, op een respectvolle manier. En daar zit de kern van het probleem – dat is misschien nog wel belangrijker dan door wie de rol nou eigenlijk gespeeld wordt en welke seksuele voorkeur diegene in zijn of haar privé-leven heeft.”

Gepubliceerd bij Metro

Tieners hebben steeds vaker een eigen onderneming

Te jong om eigen ondernemer te zijn? Integendeel! Het komt steeds vaker voor dat ambitieuze tieners al op jonge leeftijd hun eigen bedrijf starten. Afgelopen jaar schreven maar liefst 3500 jongeren tussen de 13 en 18 jaar zich in bij de Kamer van Koophandel. Dat is bijna dertig procent meer dan in 2017.

MINDER EENZAAM, MEER KLUSJES

„Soms sta ik om zes uur ’s ochtends op, werk ik twee uurtjes en daarna ga ik naar school”, zegt Jordi van der Meijden. Deze 18-jarige ondernemer richtte samen met een vriend het bedrijf KlusMetPlus op. Net als veel andere ondernemers willen zij met hun bedrijf een oplossing zoeken voor een probleem dat zij zien in de huidige maatschappij.

Hun bedrijf koppelt jongeren aan ouderen waar een klusje gedaan moet worden. Hiermee geven ze jongeren werk en ervaring en helpen ze ouderen een last van hun schouders te nemen. „Het probleem wat wij willen verhelpen, is eenzaamheid onder ouderen.”

Het bedrijfsidee herken je misschien een beetje van ‘heitje voor een karweitje’. „Zelf klussen we ook wel eens als we daar nog tijd voor hebben naast het bedrijf, school en onze vaste bijbaan”, zegt Jordi. Hij zit nu op het MBO en heeft de nodige ambities met KlusMetPlus. „De ideale toekomst voor ons bedrijf is dat we een groot netwerk van ouderen en jongeren hebben. Wij willen dat minder ouderen zich vaak eenzaam voelen of dat er een klusje in of rond het huis steeds blijft liggen.”

De Zeeuwse Jordi van der Meijden in de bedrijfskleding van KlusMetPlus

PROBLEEM OPLOSSEN

Ook Fabienne Overbeek is op haar 18e al zelfstandig ondernemer. Eigenlijk al wat langer, maar toen ze twee maanden geleden 18 jaar werd, schreef ze zich in bij de Kamer van Koophandel met haar bedrijf Grow a Wish. „Mijn middelbare school volgde een programma van Jong Ondernemen. Daarin bedacht ik, samen met zes andere meiden, een eigen bedrijf. We kwamen toen met het idee om kofferhoezen te ontwerpen. Dat hebben we niet doorgezet omdat er te weinig potentie in zat, maar ik merkte dat ik zoveel energie kreeg van het ondernemen dat ik er mee door wilde”

„Toen ging ik nadenken over welk probleem ik ervaar in de maatschappij en hoe ik dat op zou kunnen lossen. Ik dacht aan alle verjaardagskaarten die mensen elk jaar krijgen, die ze eigenlijk altijd weggooien. Daar ben ik onderzoek naar gaan doen, en zo kwam ik uit bij groeikaarten; dat is gemaakt van papier waarin kleine zaden zijn verwerkt. Die kun je planten in de grond en daar groeien planten of bloemen uit waardoor je je wensen letterlijk en figuurlijk kunt laten uitgroeien.” Fabienne zit nu in haar laatste jaar van het VWO en begint daarna aan haar studie bedrijfskunde. „Soms is het wel lastig te combineren met school en mijn sociale leven. Ik kan er nu maar een middagje per week aan werken en dan in de vakanties iets vaker. Maar in mijn hoofd ben ik er wel heel veel mee bezig.”

De groeikaarten van Fabienne Overbeek.

LEF, NIEUWSGIERIG EN EIGENWIJS

De afgelopen 5,5 jaar hebben zich meer dan 12.000 jongeren in de leeftijdscategorie 8-18 jaar zich ingeschreven bij KvK. De meeste jongeren die in 2018 een bedrijf begonnen zijn, startten een bedrijf in de categorie ‘detailhandel via internet in kleding en modeartikelen’. In 2013 was dit nog ‘ontwikkelen, produceren en uitgeven van software’. Volgens Debby van Wijngaarden van de Kamer van Koophandel heeft de ondernemersgeest bij jongeren meerdere oorzaken, meldt NOS. „Wij denken dat deze generatie meer lef heeft, nieuwsgieriger én eigenwijzer is. Daarnaast ligt de wereld aan hun voeten via internet en zijn er talloze idolen zoals dj’s en vloggers die ook ondernemen.”

Daar kunnen zowel Jordi als Fabienne zich goed in vinden. Beiden zijn ze ambitieuze ondernemers die niet kunnen wachten om hun bedrijf te laten groeien en erg veel energie krijgen van hun verantwoordelijkheden en taken als eigen ondernemer. „Ik vind het vooral heel tof om met zoveel mensen bezig te zijn en mijn eigen ding te kunnen doen”, zegt Fabienne. „Ik heb zelf alle invloed en verantwoordelijkheden. Als je voor een werkgever werkt, moet je helemaal achter dat bedrijf staan vind ik. Bij mijn eigen bedrijf doe ik dat sowieso, want het is mijn eigen onderneming”, stelt ze.

Ook Jordi van der Meijden vindt de eigen invloed fijn. „Je bepaalt alles zelf; de missie en visie van je bedrijf, maar ook je uren. Ook al zijn dat er soms misschien wel meer dan wanneer je voor een werkgever werkt. Je maakt ook best wel veel connecties en het ondernemen is gewoon heel leuk om te doen.”

VERANDERENDE ARBEIDSMARKT

De maatschappij waarin we het grootste deel van onze carrière voor één baas werkten en een baan hadden van vijf dagen per week van 9 tot 5 verdwijnt steeds meer naar de achtergrond. Tegenwoordig wisselen we sneller van job, worden we steeds liever eigen ondernemer en werken bedrijven veel met flexwerkers. In een maatschappij die zo snel verandert moeten jongeren een ondernemende houding ontwikkelen, vindt Jong Ondernemen. „Door hoe de arbeidsmarkt verandert moeten kinderen later steeds meer op projectbasis werken. Dan zijn ondernemerseigenschappen nodig”, stelt Mariolein van der Plas, directrice van Jong Ondernemen.

De stichting geeft ondernemerslessen aan kinderen op de basis- en middelbare school. Het afgelopen jaar begeleidden ze bijna 75.000 jongeren van ruim 2000 scholen met ondernemen.

Wat jij moet weten over je online privacy

Foto: ANP

Een Amerikaanse jongen gaat voor het eerst naar een homobar. Hij wil graag anoniem blijven en vertelt niemand wie hij is. Na met een paar mannen te hebben gepraat, gaat hij terug naar huis. De volgende ochtend opent hij Facebook en ziet daar drie vriendschapsverzoeken. Allen van mannen met wie hij niet gepraat heeft en waar hij geen gegevens mee heeft uitgewisseld. Bestaat privacy nog wel in een wereld waarin alles wat wij doen wordt geregistreerd, gemonitord en opgeslagen?

“Wat jij moet weten over je online privacy” verder lezen

Depressief op je zestiende: ‘Ik voelde me mislukt’

Op achttienjarige leeftijd een boek op de markt dat jouw persoonlijke verhaal vertelt, sinds deze maand is dat werkelijkheid voor Romein de Klerk. Hij schrijft over zijn leven toen hij zestien en depressief was en neemt de lezer mee op zijn zoektocht naar zichzelf. Zijn doel? Andere mensen helpen en het taboe op depressies doorbreken.

“Depressief op je zestiende: ‘Ik voelde me mislukt’” verder lezen